donderdag 24 december 2009

Tot afziens in 2010!

Dag allemaal, Marijn fietst even een weekje niet. Marijn langlauft. In Zwitserland. En intussen is ze offline. Moet kunnen toch, zeven dagen lang?

Aangezien het de tijd van de lijstjes is en ik niet zou willen dat jullie je vervelen, presenteer ik - in willekeurige volgorde - een top 10 van bijzondere momenten van het afgelopen jaar:


1.
Spannendste moment (ik kon 's ochtends niet eten van de zenuwen en stond letterlijk misselijk aan de start)
2. Grootste
dieptepunt (dat was niet moeilijk kiezen)
3. Mooiste
hoogtepunt (en dan vooral het deel dat ik de kans krijg voor Leontien.nl te gaan fietsen!)
4.
Coolste moment (uiteraard de wereldkampioensfiets van Cancellara!)
5. Meest
confronterende moment (hier moet ik nog steeds vaak aan denken)
6.
Grappigste moment (vrouwen en fietsen, het blijft lachen)
7. Meest
vervreemdende moment (ken je dat, dat je jezelf ineens ziet zitten en dat je denkt: wat doe ik daar?)
8. Meest
verrassende moment (wat was ik groen een half jaar geleden...)
9. Meest
leerzame moment (in twee uur tijd alle inside tricks; de theorie dan, in de praktijk ben ik nog lang niet uitgeleerd)
10. Meest
onwennige moment (dit soort belangstelling voelt nog steeds heel gek)

Met als bonus de foto rechtsboven, op de kop af een jaar geleden genomen, van een blije harrie die het fietsen net heeft ontdekt.

Ik wens jullie allen fijne kerstdagen en een zeer sportief 2010. Mijn goede voornemen: ze een poepie laten ruiken op de fiets!


Dank voor het lezen, dank voor al het commentaar. Het is geweldig te merken dat jullie enthousiast worden van mijn verhalen. Tot 3 januari, dan ben ik terug.


Blijf langskomen. Want volgend jaar gaat het echt beginnen!

woensdag 23 december 2009

Zout en pekel

Witte kringen in m'n roze fietsbroek, uitgebeten overschoenen en bij iedere slok uit m'n bidon ook een hap zout van het tuutje in m'n mond. Met dit weer is er geen ontkomen aan: pekel. Na een fietstochtje zit het overal. En oh wee als je wondjes op je benen hebt. Bijten dat dat spul doet!

"Zou dat nou ongezond zijn, die pekel?", vroeg fietsmaatje J. na een slok. "Nee joh! Extra mineralen, prima!", riep ik. Maar meteen begon ik te twijfelen.


Kan ik mijn broek straks te drogen leggen, het zout eraf schrapen en het voor de boerenkoolmaaltijd van vanavond gebruiken? Of moet ik mijn bidon juist goed afvegen alvorens ik een slok neem - omdat ik mezelf anders langzaam vergiftig tot er een gruwelijke dood op volgt?


Een rondje googelen heeft me dit geleerd (opgepast mensen, hier volgt een stukje educatie):
pekel is niet hetzelfde als zout. Pekel is het woord voor een mengsel van water en zout. Dat onstaat automatisch als je zout op sneeuw gooit ja, maar pekel wordt tegenwoordig meestal in de strooier al gemaakt: het zout wordt voor het uitzwiepen op straat gemengd met water, zodat het makkelijker aan de weg blijft kleven, er minder in de berm terecht komt en er aldus minder milieuschade ontstaat. Slim!

Het basisbestanddeel van stooizout is hetzelfde als dat van keukenzout. Maar zoals wij een rijstkorrel in het zoutvaatje doen om klonteren te voorkomen, moet voor efficiënt strooien ook voorkomen worden dat er grote brokken strooizout ontstaan. Dus voegt men er een chemisch anti klontergoedje aan toe. Ik heb nog nergens gevonden wat precies, maar dat zou wel eens ongezond kunnen zijn.Tuutje toch maar afvegen dus...


Tot slot is er ook nog roze strooizout. Dat had ik eerder deze week al begrepen van Thijs Al, die me meldde dat hij met roze bandjes rondreed. Ik dacht dat hij voor een keertje Leontien-banden had gepakt, maar hij bleek het zout te bedoelen dat zijn banden roze kleurde.

Ik heb nog nooit ergens roze zout gezien. Misschien wordt het vooral in België gebruikt - dat er roze kleurstof aan strooizout wordt toegevoegd om het nog duidelijker te onderscheiden van consumptiezout vond ik namelijk op een
Belgische site.

Nu kan ik heel makkelijke grappen maken over domme Belgen die geen zout van zout kunnen onderscheiden. Maar eigenlijk ga ik liever een keer trainen in België als er gestrooid is. Ik heb namelijk nog geen roze bandjes. En die wil ik wel!

maandag 21 december 2009

Massage

Ik wil je lichaam leren kennen, zei mijn nieuwe masseur Vincent vorige week tegen me. Prima, zei ik, dan maken we een afspraak.

Gisteravond tijdens de snertparty met de buren vertelde ik over deze conversatie.

Even was het stil. Toen slaakte buurvrouw I. een gilletje. Vriend J. zei: Ja dàg! Dat gaat dus niet gebeuren! Buurmannen K. en K. bulderden van het lachen.

Hm. Ja. Als je het zo bekijkt. Ik wil je lichaam leren kennen. Het leek mij wel praktisch: als de masseur nu al weet hoe mijn benen en rug aanvoelen en wat de gevoelige plekken zijn, dan kan hij me tijdens het wedstrijdseizoen extra goed verzorgen.

Ik vond het zelfs wel poëtisch. Ik wil je lichaam leren kennen. Zeker zo mooi als Masseren, dat is kijken met de handen. Was getekend: Dirk Nagtergaele, de verzorger van Tom Boonen.

Mijn masseur heeft de benen van
Tommeke nooit onder handen genomen. Maar wel van die Cadel Evans. En die van Stuart O'Grady. Om maar eens wat beroemde benen te noemen.

Dubbelzinnig of niet: ik ben vereerd dat die handen mijn lichaam willen leren kennen.

Zwolle - Wijhe - Zwolle

zondag 20 december 2009

Perfect

(Zet dit liedje aan alvorens u met lezen start.)

Oké, het was niet overal even mooi. Ingebakken sneeuw, rare randen. En ja, de sneeuwduintjes op het oppervlak lagen soms ook wat in de weg.

Maar! Wij! Hebben! Geschaatst! Op! Echt! Natuurijs!

Jaja, ik weet het, dat was levensgevaarlijk vandaag. Maar niet op het Veluwemeer bij Noordeinde hoor. Daar is het maar dertig centimeter diep. Bij plotselinge wakken of onverhoopt door het ijs zakken krijg je hooguit een paar bevroren kletspoten. Dat risico wilden we best lopen.

Het was schitterend. Er was bijna niemand. Schaatsen over bros en door duinen, daar kun je je aan ergeren. Wij besloten echter dat het een avontuur was. Al was het grote stuk pikzwart spiegelijs dat we aan het eind van de middag vonden pas echt hemels. Wij draaiden er heerlijke rondjes. Gakkende ganzen vlogen in een V over (klik op de foto voor het bewijs). Het ijs zong.

Thuis wachtte de heerlijkste snert ooit, met liefde gemaakt door buurvrouw I. en buurman K. Voeten op de verwarming, aanschuiven en eten maar. Just a perfect day.

vrijdag 18 december 2009

De kilometerkwestie

"Waarom zijn vrouwenkoersen eigenlijk zoveel korter dan mannenkoersen?", vroeg @Tjeerdjpw me vanmiddag. We zaten in de restauratie van station Zwolle. Tjeerd interviewde me in het kader van zijn opleiding journalistiek.

Daar had hij een vraag te pakken waar ik geen antwoord op had. Ik had er zelfs nog nooit over nagedacht. De lengte van mannenkoersen heeft me wel altijd gefascineerd. Ongelooflijk:
259 kilometer koers en dan ook nog voor een groot deel over kasseien. Of 261 kilometer met helse beklimmingen erin. En dan heb ik het nog niet eens over etappekoersen van drie weken.

Onze wedstrijden zijn maximaal 150 kilometer. Tuurlijk, vrouwen zijn minder sterk dan mannen. Maar het verschil tussen 150 en 260 kilometer vind ik wel érg groot.

Van het mannenwielrennen weet ik dat de wedstrijden vroeger, toen de kerels van staal en de wielen van hout waren, nog véél langer waren. Een monsterachtige afstand van
600 kilometer was geen uitzondering.

Wie heeft de lengte van vrouwenkoersen eigenlijk bepaald? Mannen, vast en zeker. Waarschijnlijk in de tijd dat men nog meende dat sporten, en dan met name duursporten, niets voor vrouwen is - omdat je er een slechte huisvrouw of zoiets van zou worden.

Is er in de vrouwenwielergeschiedenis ooit verandering gekomen in de lengtes van koersen? Want wat mij betreft mag dat best! Ik hoef heus geen 260 kilometer te rijden. Maar een keer 180 of 200 lijkt me best spannend.

Of ben ik nou enorm naïef en moet ik helemaal niet zulke afstanden willen koersen - zo'n ervaren wielrenster ben ik immers niet, dus of ik er met recht een mening over mag hebben...

Kortom: ik kon Tjeerd niet van een adequaat antwoord voorzien. En ik bleef zelf met een heleboel vragen zitten. Op internet is ook al niet bijster veel te vinden over de geschiedenis van het vrouwenwielrennen.

Zoek je niet toevallig nog een afstudeeronderwerp, Tjeerd? Ik stel voor: De geschiedenis van het vrouwenwielrennen - van Millie Robinson tot Marianne Vos. Ik hou me aanbevolen!

donderdag 17 december 2009

Geluksvogel

Met de slaap nog in m'n ogen rol ik het gordijntje van ons dakraam op. Mijn uitzicht wordt belemmerd door een dun laagje... sneeuw! Hoewel ik weet dat het 't gestaag groeiende natuurijs totaal verpest (grrr!), heeft de eerste sneeuw in de winter toch iets magisch.

Vroeger keek ik met m'n voeten tegen de verwarming naar buiten als het sneeuwde. Mooi, die wervelende vlokjes die de wereld langzaam bedekken met een wit dekentje. Of ik ging dik ingepakt een wandeling maken. Buiten sporten skipte ik in ieder geval. Dat doe je niet als het sneeuwt. Zelfs skien doe ik niet graag als er dikke vlokken vallen.

Maar nu ik topsporter ben, hou ik me zoveel mogelijk aan mijn schema. Hardlopen staat daar vandaag op. Zou dat gaan door de sneeuw? Proberen maar. Als 't niet lukt, kan ik altijd nog naar de sportschool.

De klinkertjes voor onze deur zijn een beetje glibberig. Er is net gestrooid; de vastgereden drek begint te smelten. Als op eieren ren ik het centrum uit. Buiten de Sassenpoort is het voetpad niet schoon, maar de fietsstrook wel. Voor een keertje over het fietspad rennen is niet erg, besluit ik.

Dan kom ik buiten de stad, op de IJsseldijk. Die ligt er maagdelijk wit bij, op een paar hondensporen na. De stadsgeluiden vervagen.
Mijn stappen worden onhoorbaar in het laagje poeder. Het veert - of verbeeld ik me dat nou?

Het uitzicht over de IJssel richting Hattem is sowieso al prachtig. Met sneeuw is het adembenemend. Jan Voerman meets Anton Pieck. Ik kan m'n ogen er niet vanaf houden. Kleine vlokjes kriebelen in m'n gezicht, m'n wangen gloeien. Kijk nou! wil ik roepen. Maar ik ben de enige die hier loopt. Onbegrijpelijk. Wie gaat er nou binnen zitten als het buiten zo mooi is?

Dat dacht ik dinsdag ook al, toen ik in het winterzonnetje een rondje Holterberg reed. Het waaide nauwelijks en de heide was wit berijpt. En gisteren! Toen ik mijn spiksplinternieuwe mountainbike uitprobeerde op de Veluwe. Het bos was hard bevroren, mijn nieuwe bike super wendbaar en licht. Geen spatje modder te bekennen nadien. En onderweg vrijwel geen levende ziel tegen gekomen.

Op zulke momenten tintelt mijn bloed en voel ik me zo... levend! Wat jammer dat verder bijna iedereen binnen zit. Of eigenlijk: wat ben ik toch een geluksvogel dat ik lekker buiten ben!

(Ik piep straks vast anders als ik weer eens vast zit ergens op het spoor tussen Hilversum en Zwolle, vanwege bevroren wissels en storende bovenleidingen, maar goed.)

woensdag 16 december 2009

Echte klappers!

Zo, kunnen we nou eindelijk schaatsen? Ben d'r helemaal klaar voor met deze nieuwe klappers!

dinsdag 15 december 2009

K*t! Tuinslang bevoren

Ondanks dat er met dit schitterende winterweer vandaag geen spatje vuil op mijn fijne fietsje was gekomen, moest ik 'm toch maar even schoonmaken.

De heren strooiers waren namelijk nogal kwistig te werk gegaan; 's heren wegen waren bedekt met een flinterdun laagje zout. En als extraatje kwamen we onderweg ook nog eens twee zoutzwiepers tegen, die hun lading met kracht tegen onze benen en frames lanceerden.

(Zout is slecht je fiets, beste niet-wielrenners. Voor je het weet heeft het goedje een gat geslagen in je tandwielen. En dat wil je niet, nee.)


Fiets poetsen blijft een snertklusje, ook als het maar weinig werk is zoals vandaag. Inspuiten met biologisch afbreekbaar reinigingsmiddel, doekjes bij de hand, tuinslang open en... Hee... tuinslang open... geen water? Grrr. GRRRRR. Tuinslang bevroren. Kut! Wat nu? Ik heb al zulke koude vingers en dat reinigingsmiddel moet toch echt van die fiets af.

Hmpf. Naar binnen dan maar. Setje bidons vullen. Met warm water. Aaaah, dat is fijn. Beetje sproeien, laten afdruipen, afdrogen en klaar. Fiets naar binnen, lekker bij de kachel. Net als ik. Dat viel eigenlijk best mee.

Toch ga ik morgen maar eens naar een nieuw paar schaatsen kijken. Een mens hoort ook niet te fietsen als tuinslangen bevriezen. Dan hoort een mens te schaatsen. Niet dan?

zondag 13 december 2009

Pantykousjes hoera!

Ik ben een koukleum. Vooral mijn handen en voeten zijn snel koud en worden dan bijna niet meer warm.

Ook tijdens het fietsen heb ik daar last van. Zo gauw m'n handen en voeten koud worden, duurt het niet lang meer en dan is m'n hele lichaam koud.

Met winterweer als vandaag is - hoeveel lagen overschoentjes ik ook aantrek - warme voeten houden bijna onmogelijk. Wat zeg ik? Wás onmogelijk. Want Dosenboden, met wie ik woensdag een tochtje maakte, deed me dé gouden tip aan de hand.

Pantykousjes!

Aanvankelijk was ik wat sceptisch. Jaja. Flinterdunne pantykousjes en dan warme voeten houden. Maar het werkt! Met een paar pantykousjes onder m'n wielersokken heb heel dit weekend geen koude voeten gehad.

Ik kan me voorstellen dat mannelijke wielrenners onder ons even moeten slikken als ze in de kast van hun vriendin/vrouw/moeder duiken (want zelf pantykousjes kopen bij de Jambelle, dat is voor u natuurlijk tampons aanschaffen in het kwadraat). Maar het is de moeite waard! En ach, niemand ziet dat u ze draagt, toch?

Wintersport op de fiets

Jongens, wat een geweldig trainingsweekend!

Na weken grijze lucht en regen was ik bijna vergeten hoe de zon er uitziet. En hoe ie voelt. Maar dit weekend! Strak blauwe lucht, kleuren lijken feller, witte wolkjes uit je mond, tranende ogen en kou die lekker prikt op je wangen.

Ik dacht nog toen ik zaterdagochtend in alle vroegte de Veluwe verliet: Ridderkerk. Dat is bij Barendrecht en Rotterdam. Industrie en zo. Daar is het vast niet mooi.

Wat een vergissing! De Alblasserwaard is schitterend. Molens, water met rietkragen, bruggetjes, rijen knotwilgen en lieflijke dorpjes. Prachtig oud-Hollands landschap.

Het zijn van die dagen waarop je er geen genoeg van kunt krijgen. Waarop fietsen moeiteloos gaat, je benen nooit moe lijken te worden. Waarop je 's avonds, lekker warm aan de maaltijd, de kou nog op je wangen voelt nagloeien. Ik heb zelfs sproetjes van de zon gekregen.

Eigenlijk was het gewoon wintersport. Maar dan op de fiets. Magisch!

vrijdag 11 december 2009

Korstjes onder de borstjes

Schrijnende liezen, blauwe plekken: in deze week van de lichamelijke ongemakken kan er nog wel eentje bij. Namelijk: de wondjes net onder m'n borsten van de hartslagmeter.

(Voor de niet-wielrenners onder ons: ik train dus met een hartslagmeter. Die bestaat uit een band voor om je borst, deels van elastiek en deels van geleidend materiaal.

De band moet voor het gebruik vochtig gemaakt worden, zodat ie je hartslag doorgeeft aan een
stukje plastic dat met twee drukknoopjes op de band vastzit. In het stuk plastic zit een sensor (of zo) die je hartslag registreert. Die lees je vervolgens af op een bijbehorend horloge of fietstellertje.)

Het gekke is: alleen op de plek waar de plastic sensor zit, precies midden onder m'n borsten, krijg ik wondjes. Meestal ziet het eruit zoals de foto. Soms staat de afdruk nog duidelijker in m'n huid.

Inmiddels heb ik een oorzakelijk verband vastgesteld tussen de intensiteit van mijn training en de heftigheid van de wondjes: hoe meer ik m'n bovenlichaam beweeg, hoe duidelijker het rechthoekje in m'n huid nadien.

Het doet niet echt pijn of zo en na een paar dagen en wat zalfjes zijn de korstjes ook weer verdwenen. Maar het ziet er natuurlijk volstrekt niet charmant uit. Aangezien u en masse oplossingen hebt aangedragen voor mijn schrijnende liezen-probleem, waarvoor dank, heeft u inzake dit probleem wellicht ook wel tips.

(Ja, ik maak de band regelmatig schoon. Nee, niet met irriterende zeep. Vaak alleen met water, soms met babyshampoo. Ik haal de sensor er altijd netjes af en laat de band keurig drogen. Niet op de verwarming, gewoon aan de waslijn.)

Of heb ik gewoon een extreem gevoelig huidje?

donderdag 10 december 2009

Lichtpuntje

"De kleur van die kaarsen? Roze en wit? Dat is toeval. Echt hoor! Stom toeval."

woensdag 9 december 2009

Vingerafdrukken

"Mmmm, een massage", verzuchtte collega B. toen ik vandaag vertelde dat ik naar mijn masseur was geweest. Zo reageert iedereen: Lekker zeg. Je zult wel ontspannen zijn nu.

Nou. Nee. Een sportmassage van mijn masseur is over het algemeen niet zo ontspannen. Hij masseert nogal... eh... hard.

Dat schijnt gebruikelijk te zijn bij sportmassages. Beter voor de afvoer van afvalstoffen. En zo. Gelukkig lig ik met mijn gezicht in dat gat van de massagetafel, dus kan ik in geval van gillen een hap uit de rand bijten.

Toen ik vanochtend mijn benen inspecteerde, stonden de afdrukken van de vingers van de masseur erin. Gebeurt vaker.

Toegegeven: de plekken zijn bij nader inzien nauwelijks te zien. Maar goed, mijn punt is dus dat sportmassages niet altijd (of eigenlijk: meestal niet) fijn zijn. Maar ze baten wel! Onder de blauwe plekken had ik heerlijk soepele kuitjes vandaag.

maandag 7 december 2009

Schrijnende rollades

Beenstukken droeg ik nooit. Ik had ze niet eens. Een lange broek of een korte broek, daar redde ik me wel mee. Ik ging bewust beenstukloos door het leven, want beenstukken maken lelijk. Je wordt er een soort rollade van. Als vrouw dan.

(Voor de niet-wielrenners onder ons: beenstukken zijn zeg maar losse pijpen, van je enkel tot je kruis. Als je die aan doet en je trekt je korte wielerbroek er overheen, dan lijkt het net alsof je een lange broek draagt. Heel handig bij wisselvallig weer: als de zon gaat schijnen doe je de beenstukken uit en fiets je lekker in korte broek.)

Kerels hebben doorgaans niet veel vet op de bovenbenen en de billen. Bij vrouwen is dat een heel ander verhaal. Beenstukken moeten een beetje strak zitten, anders zakken ze af. Stel je dus voor dat je twee elastieken spant om dat stuk waar je benen overgaan in je billen. Daar waar bij de meeste vrouwen doorgaans op z'n minst een beetje vet zit. Wat krijg je dan? Juist: rollade.

Sinds ik in het roze fiets, heb ik alles: armstukken, driekwart beenstukken, lange beenstukken. Die moest ik toch maar eens gaan dragen dan, bedacht ik gisteren - je mag een gegeven beenstuk immers niet in de bek kijken.

Mijn beenstukkenvooroordeel verdween als sneeuw voor de zon: de roze pijpen bleken duidelijk vrouwenbeenstukken, want een rollade-effect gaven ze nauwelijks. Een hele geruststelling. Na een half uurtje fietsen stak echter een ander, misschien nog wel vervelender, probleem de kop op.

Beenstukken blijven niet alleen op hun plek omdat ze strak zijn, maar ook omdat er op de bovenrand een soort antisliplaag is aangebracht. Zeg maar kleverig plastic. Die antisliplaag is net zo handig als irritant, ontdekte ik. Zo goed als 't blijft plakken, zo hard gaat het ook schrijnen. Voornamelijk aan de binnenkant van de benen, waar de huid het teerst is.

Natuurlijk kun je de antisliplaag geheel of gedeeltelijk omvouwen, zodat ie niet met je huid in aanraking komt. Maar dan verlies je het kleefeffect ook deels. Na veel getrek, gevouw en gepluk ben ik er nog steeds niet uit hoe ik die beenstukken nou het beste kan dragen. Antislip naar binnen omvouwen? Of naar buiten? De plastic rand alleen op tere gebieden omslaan? Of over de gehele lengte? Toch maar niet zo hoog optrekken dan, met alsnog risico op het rollade-effect?

Hoe doen andere vrouwen dat eigenlijk? Misschien toch mijn ploeggenoten maar eens vragen...

zondag 6 december 2009

Drama in Duitsland

Geachte mevrouw Merkel,

Dat het vandaag heel hard regende en waaide in Duitsland, daar kunt u niets aan doen. Dat ik een lekke band kreeg op uw grondgebied, daar hebt u ook geen schuld aan. Dat ik drijfnat en koud werd bij het vervangen van die band, daar kunt u hooguit een beetje medelijden mee hebben.

Dat ik telkens weer verdwaalde in die Duitse hap uit Nederland tussen Tubbergen en Schoonebeek, dát reken ik u wel aan! Ik weet dat ik in Duitsland geen fietspaden hoef te verwachten. Kan ik best mee leven. Eigenlijk fiets ik sowieso liever op de autoweg. Die is meestal minder hobbelig en minder vies dan een fietspad.

Maar kunt u er alstublieft eens voor gaan zorgen dat er fatsoenlijke bewegwijzering in uw land komt te staan? En dus niet alleen van die grote gele borden, die bij ons blauw zijn, langs de hoofdwegen? Maar ook kleine bordjes, of desnoods paddenstoelen, zodat een argeloze fietser weet welke richting zij aan moet houden? Bij voorkeur ook grensoverschrijdend.


(Dat vind ik echt opmerkelijk: langs de Nederlandse grens lijkt het op de wegwijzers net of er geen Duitse dorpen bestaan; op Duitse wegwijzers idem dito, maar dan andersom. Dat is toch bizar! Hoezo Europese eenwording?)

Ik ben u zeer erkentelijk! Hoogachtend, Marijn fietst.

zaterdag 5 december 2009

Renner willen worden

De postbode kwam langs. Ik keek in de brievenbus en - eindelijk! - het boek 'Renner willen worden' van Karl Vannieuwkerke lag achter het klepje. De vernieuwde luxe-editie, met prachtige foto's van Stephan Vanfleteren.

Ik had al veel over het boek gehoord. De Vlaamse wielerkenner Karl Vannieuwkerke besloot - net als ik - op z'n 30ste wielrenner te worden. Dat vond ik een intrigerend gegeven; ik ben kennelijk niet de enige met zo'n idioot plan. Sterker nog: ik moest concluderen dat mijn plannen eigenlijk maar een slap aftreksel zijn van wat al eerder geprobeerd is.

Want het feit dat hij een man is, en Vlaming, intrigeerde me nog meer. De competitie waarin hij zich probeerde te mengen, is oneindig veel sterker dan die van ons, Nederlandse vrouwen. Hoe zou hem dan zijn afgegaan? En wat zou ik daaruit kunnen leren?

Ik las het boek in één dag uit. Ik zou mezelf nooit met Karl Vannieuwkerke durven vergelijken, maar oh wat kwam ik veel herkenbare passages tegen!

Geen hap door je keel kunnen krijgen voor je eerste koers, terwijl je weet dat je móet eten. Anders kun je heel die wedstrijd sowieso wel op je buik schrijven. Vannieuwkerke at spaghetti met bruine suiker voor z'n allereerste koers. Smaken doet het niet en de zenuwen doen me zelfs een paar keer kokhalzen. Dat had ik ook, al at ik bruine boterhammen met jam en appelstroop.


Mensen (zelfs de meest doorgewinterde wielerkenners) die verwachten dat je meteen wint. Wat eenvoudigweg niet kán bij wielrennen, meteen een koers winnen. Überhaupt is winnen al moeilijk genoeg, ook als je honderd jaar ervaring hebt. Want vergeet niet: bij voetbal is er één winnaar en één verliezer. Bij wielrennen heb je één winnaar en honderdnegenenveertig verliezers.

Mensen die er totaal geen vertrouwen in hebben. Wielrenner worden? Dat kan niet meer op je 30ste, forget it. Vannieuwkerkes grootvader zei: Je denkt toch niet dat je die mannen ooit zal kunnen volgen? Weet je wel hoe snel ze rijden? Je bent veel te oud om er nu nog mee te beginnen. Moest je net tegen hem zeggen. Ik zal die betweter wel eens laten zien dat ik kan volgen. Als ze me lossen, dan zal het zijn omdat ik elk moment kan doodvallen.

Ik heb het
ook allemaal gehoord. Je hebt geen ervaring, geen routine. Geen jarenlang opgebouwde handigheid op de fiets. Je kan dat niet. Ik reageer daar net zo fel op: Ha, kan ik dat niet? Dat zullen we nog wel eens zien. Misschien krijgen de critici uiteindelijk gelijk, maar vooralsnog verkies ik te geloven dat het wél kan.

Elk hoofdstuk bezorgde me wel ergens een brede glimlach. Worstelen met je klikpedaal na de start, terwijl alle renners om je heen weg sjezen. Anderhalve fietslengte verliezen in de bocht. Je helemaal leeg rijden voor een twaalfde plaats en dan een envelopje met het astronomische bedrag van 5 euro 70 mogen afhalen. In mijn geval was dat 11 euro 50 voor een achtste plaats.

Dank, Karl, voor je verhaal. Ik ben nog vastbeslotener vol te houden. Hard te trainen. Goed te rusten. En het beste uit mezelf te halen.

donderdag 3 december 2009

85 kilometer tegenwind

De krant voorspelde zuidenwind, kracht vier tot vijf. Gunstig weertje om van Hilversum naar Zwolle te fietsen. Lekker met de wind meewaaien.

Wat zijwind tussendoor, maar van een beetje afzien is nog nooit iemand minder geworden. Dus nam ik mijn racefiets mee in de trein, naar m'n werk.

Er zou misschien wat 'lichte neerslag' vallen. Maar och, met wind mee en het fijne regenjackje van
vriend J. zou me dat niet deren.

Ik moest m'n tocht wel goed plannen. Want om vijf uur 's middags had ik een afspraak met mijn fysio in Zwolle. Die is er wel aan gewend dat ik in wielerkleding langs kom; aan zwetende vrouwen heeft hij kennelijk geen hekel.

Met wind mee doe ik er ongeveer twee uur en drie kwartier over, redeneerde ik, dus als ik rond half twee weg zou gaan, zou ik er nog een extra lusje bij kunnen pakken. Maar ja, hoe gaat dat dan: vergaderingen, bekenden in de wandelgangen, en voor je het weet zit je om twee uur pas op de fiets.

Het regende inmiddels al. En niet 'lichte neerslag', zoals voorspeld, maar van die lekkere dikke druppels. Wat waaiden de vlaggen bij het gebouw van Beeld en Geluid trouwens vreemd. De verkeerde kant op.

Buiten de bebouwde kom werd ik meteen VLAM! gegrepen door een windvlaag. Dat was geen zuidenwind. En zelfs geen zuidwest. Het leek meer op oostenwind. Noordoost. Krijg nou de tering... Dat betekende vijfentachtig kilometer wind tegen!

Hijgend ploeterde ik over de vlakte van Almere naar Zeewolde. Kreunend reed ik de eindeloze kilometers langs het Veluwemeer. Extra lusje? No way. Ik moest racen! De wind gierde in m'n oren, d
ruppels priemden op m'n wangen. Ik moest denken aan een soortgelijke tocht, vorig jaar. Niet lek rijden, niet lek rijden, fluisterde ik voor me uit.

Met een verwilderde blik stapte ik bij de fysio binnen. Vijf minuten te laat. Rode ogen van de inspanning, mascara overal over m'n gezicht. Klappertandend en modderig.

Met stijve vingers kleedde ik me uit. De fysio grinnikte bij m'n gestresste blik. "Kom maar zitten. Slokje water. Adem in, adem uit." Pfoe. Ik was geland.

Herstel: het wordt een pareltje

Correctie van het bericht 'Nieuwe mountainbike' van maandag 30 november j.l. Het wordt niet die mountainbike, maar deze:

De zwarte was uitverkocht. En laat ik nu net ook een 'Pearl' wegfiets hebben. Oh jongens, wat zal dat paartje er straks mooi uitzien!

Specificaties? Lees ze hier!

woensdag 2 december 2009

The day after

Eigenlijk wilde ik dus niet eens gaan.

Ik had de organisatie gemaild dat mijn agenda nogal vol is, met 30 uur werken en 20 uur trainen per week. En dat ik daarom een beetje voorzichtig met mezelf moet zijn als het op avondlijke uitstapjes in steden op bijna twee uur reisafstand aankomt.

Dat klinkt u wellicht suf in de oren, maar ik kan eenvoudigweg niet alle dingen doen die ik leuk vind; wielrennen is nu immers mijn core business en op m'n werk moet ik ook nog een beetje fit zijn.

De organisatie mailde terug dat ze 'het echt heel belangrijk vonden dat ik kwam'. Tja... dan moet je wel. En beste mensen, het was de moeite waard! Vol trots citeer uit het juryrapport:

Het aantal blogs over gezondheid en sport is oneindig. (...) Toch werden wij dit jaar het meest gegrepen door de sportblogs.

Ik voelde m'n hartslag omhoog gaan.
Zag mezelf zitten.

Veel van die bloggers schrijven trots over hun sportprestaties en delen zo met andere bloggers die trots zijn op hun prestaties. Hardlopers, voetbalfans, fietsers en vele andere sporters schrijven met ongekende passie over hun dagelijkse inspanningen. Ze reageren op elkaar. Schrijven over elkaar. Adoreren elkaars prestaties en delen het leed bij falen. De blog maakt een collectieve beleving van individuele sporten mogelijk. Gelovigen onder elkaar.

Oei. Dat wordt 'm dus niet. Jammer, maar ik had het ook niet verwacht. Wie vindt de belevenissen van een of andere wannabe wielrenster die nog niks gewonnen heeft nou interessant?

Meestal is er geen verhaal. Zijn het stukjes die op zichzelf staan. Een verhaal maakt een blog interessanter voor de niet-gelovigen. Voor de anonieme surfer die geraakt wordt door een stukje en verder gaat lezen. Benieuwd is hoe het verder gaat en wat er vooraf ging.

M'n wangen begonnen te gloeien. Misschien toch...?

Als geen ander heeft de winnaar van de categorie Gezondheid & Sport een verhaal gecreëerd waar ze zelf het middelpunt van is: starten met wielrennen op je 30e en proberen alsnog de top te bereiken.

Woehoe, dat ben ik! Jazeker, dat ben ik! Intussen stompte broer M. naast me m'n schouder tot moes.

Haar weblog begint op het moment dat ze de keuze maakt tussen mountainbiken of wielrennen. Nu, een jaar later fietst ze mee in de wielerploeg van Leontien van Moorsel.

Zit m'n rokje - waar oeps het prijskaartje nog in hing toen ik in de trein stapte - recht? Zit m'n haar goed?

De Dutch Bloggie in de categorie Gezondheid & Sport gaat naar...

Tromgeroffel - niet struikelen, niet struikelen...

Marijn Fietst!

Super! En nu terug naar mijn core business, want hoe leuk en eervol ik deze prijs ook vind, 't is me natuurlijk allemaal te doen om de prijzen op de fiets!

dinsdag 1 december 2009

Dutch Bloggie gewonnen!