maandag 27 juli 2009

Surrogaatfietsen

Het was een heerlijke zomervakantie hoor, daar niet van. Maar ik had 'm me toch ietsie anders voorgesteld.

Voor ik mijn sleutelbeen brak, hadden we al geboekt in de Italiaanse heuvels van Piemonte. Een weekje om bij te komen van het echte werk, hadden we bedacht. Want vriend J. en ik wilden eerst wat mooie cols in de Alpen beklimmen.

Maar het werd het Moezeldal, die eerste week. Zodat ik een echt stalen ros kon huren, een lomp zwaar ding met een terugtraprem en zo'n fijn Duits mandje achterop. Zo kon ik met mijn zielige armpje dat geen stuur kon vasthouden, laat staan remmen met een handrem, toch nog een beetje fietsen. Langs de Moezel heen en weer, onderwijl verlekkerd kijkend naar de bergjes om me heen.

Onze schitterende Italiaanse vakantiebestemming bood alleen maar wegen die op en neer gingen. En helaas pindakaas, mijn arm deed nog steeds niet mee. Dus fietste ik met uitzicht op de heuveltoppen op ons terras, terwijl vriend J. over die heuvels snelde.

De laatste week in Avignon was helemaal huilen met de pet op. Het ijzerwerk in mijn schouder ging steeds meer uitsteken. Al m'n spieren en ander weefsel leken verdwenen. Een raar soort verschrompeld schoudertje bleef over, vierkant van het chirurgisch vlechtwerk onder de huid.

Tot overmaat van ramp beklom vriend J. (1:47) met B. (2:59) en
W. (1:52) de Mont Ventoux. Ik hees me maar weer op mijn Tacx en trapte wat (2:30) voor me uit in de tuin van ons appartement.

Natuurlijk waren er genoeg andere dingen om van te genieten. En ach, die uurtjes op de Tacx met een lekker muziekje waren achteraf best oké - als je de gedachte aan de gemiste fietstochten tenminste blokkeert.

Maar ik ben er nu echt klaar mee. De fysio was het vanochtend gelukkig roerend met me eens: dat ijzerwerk moet eruit, en snel een beetje. Hopelijk is de chirurg daar morgen ook van overtuigd.

0 reacties:

Een reactie plaatsen

<< Startpagina