Zes envelopjes
Zo zien je armen eruit als je een koers in het scherpe voorjaarszonnetje rijdt. Benen dito. Maar dat terzijde.Het industrieterrein van Zuidbroek bood ideale gelegenheid om de sprintkwaliteiten eens te testen. Er waren veel premiesprints (= tijdens een criterium (= rondje om de kerk, of in dit geval om de bedrijfspanden) worden in sommige rondjes geldprijzen toegekend aan de renners die als eerste over de finish komen). Aanvankelijk had ik niet zo door wanneer er nu precies gesprint moest worden. Tot ploeggenoot M. zei dat ik goed op de bel moest letten. Als die gaat, moet je in de volgende ronde sprinten.
De bel ging. M. riep: "Nu gaan Marijn!" Ik ging. En kwam als derde over de finish. Hee! Dat kon dus ook! De bel ging weer. Ik sprintte nog een keer. Eerste! Je benen gingen er pijn van doen, maar dit was wel leuk! Nog twee keer zette ik aan na de bel. Het criterium liep op z'n einde. Ik finishte als vijftiende.
De man bij wie ik m'n startnummer inleverde zei: "Ah, nummer 51! Er ligt hier een hele stapel voor je." Hij bladerde. Eén envelopje. Nog één. En nog één. En nog... zes uiteindelijk. Want ik was blijkbaar ook nog derde geworden in het sprintklassement. Met het stapeltje in m'n handen stond ik een beetje stom te grijnzen naar ploeggenoot M. Ze lachte. "Zie je nou wel dat je moest gaan?"


1 reacties:
Misschien uitgeven aan zelfbruiningcréme voor de bovenarmen? Dan hoef je niet in bh te fietsen...
Een reactie plaatsen
<< Startpagina